Het type grondsoort in je tuin heeft consequenties voor de flora in de tuin. Het is dus belangrijk om te weten met welke soort je te maken hebt. De meest voorkomende grondsoorten in Nederland zijn klei en/ of leem, zand, veen en bosgrond. Welke grond bij jou in de tuin voorkomt, ligt vooral aan de plek waar je woont in Nederland. Door goed te kijken en te voelen aan de structuur van de grond kun je achterhalen welke soort grond je in je tuin hebt.

​Welke grondsoorten zijn er en hoe herken je ze?

De meest voorkomende soorten in Nederland zijn klei en/of leem, hierna te noemen klei, zand, veen en bosgrond.

Kleigrond

Als de grond voor meer dan 25% uit Lutumdeeltjes bestaat is er sprake van kleigrond. Lutum zijn deeltjes in de grond die kleiner zijn dan 2 µm. 2 µm is 2 micrometer, wat even groot is als 0,002 millimeter. Hoe hoger het percentage aan Lutumdeeltjes, hoe zwaarder de klei is. Kleigronden zijn slecht waterdoorlatend. In droge tijden houden ze het water veel langer vast. In natte tijden spoelt het water er niet doorheen, waardoor de planten natte voeten krijgen. Kleigronden hebben door hun dichtheid minder last van uitspoeling van mineralen, zoals nitraat en fosfaat. Hierdoor houden ze beter de voedingsstoffen vast en zijn het dus over het algemeen voedselrijke gronden.

In Nederland vind je kleigrond voornamelijk in de kuststreken (zeeklei), langs de rivieren (rivierklei) en meer landinwaarts op hogere gedeelten.

Heb je klei in je tuin, dan kun je deze wat handelbaarder maken door:

  • In de winterperiode, voor of tijdens de vorst, licht om te spitten
  • In het vroege voorjaar kalk te strooien
  • Het toevoegen van een laag compost van circa 2 tot 3 centimeter. Dit kun je doen van het voorjaar tot het najaar, ongeveer om de 2 maanden.

Zandgrond

Zandgronden zijn gronden die voor minstens 50% uit zand bestaan. Het zijn minerale gronden die voor minder dan 8% uit lutumdeeltjes bestaan. Het is dus een stuk groffer van structuur dan de eerder besproken kleigrond. Zandgrond is goed waterdoorlatend. Het nadeel is bij droogte dat de kleine zanddeeltjes snel uitdrogen, hierdoor kunnen ze de voedingsstoffen niet goed vasthouden.

Zandgronden in Nederland zijn te vinden in Noord-Brabant, Overijssel, Drenthe en een deel van Limburg. Gebieden als de Loonse en Drunense Duinen, de Veluwe of de Utrechtse Heuvelrug zijn natuurgebieden met zandgronden.

Wanneer je in een gebied woont met zandgronden zijn de volgende tips bruikbaar om de planten in je tuin te kunnen voorzien van een goede bodem:

  • Voordat je begint met planten is het verstandig om heel veel goed verteerde stalmest of compost door de grond te spitten. Dit zorgt voor een betere waterhuishouding en meer voedingsstoffen in de bodem.
  • Je kunt kalk toevoegen aan de grond om de zuurgraad te corrigeren, dit zorgt tevens voor beter opname van de voedingsstoffen

Veengrond

Veengrond is een bodemsoort die is opgebouwd uit resten of gecomposteerd plantmateriaal.  Dit is een vochtige soort van sponsachtige grondsoort, die is gevormd door afgestorven planten in moerassen en onder een natte zuurstofarme laag bewaard is gebleven. Deze grond is donker, bijna zwart van kleur. Door de goede waterdoorlatendheid houdt veengrond de voedingsstoffen goed vast in de bodem. De zuurgraad is wel vaak laag. Uitleg over de zuurgraad in de grond vind je verderop in dit stuk.

In het noorden en westen van Nederland worden uitgestrekte veengebieden vooral als weidegebied gebruikt.

Wanneer je in een veengebied woont is de belangrijkste factor waar je rekening mee moet houden de vochtigheid. Pas je beplanting hierop aan. De veengrond is over het algemeen vrij zuur, pas ook hier de keuze van je beplanting op aan. Een andere optie is het bekalken van de grond.

Verzamel een handvol aarde

Waarom wil ik weten welke grondsoort ik heb?

Er zijn verschillende factoren waar je rekening mee moet houden bij de keuze van de planten in je tuin. Zo is er de voorkeur van de plant om in de zon, halfschaduw of schaduw te staan. Planten groeien per soort het beste in de voor hun geschikte omgeving. Er zijn planten met een voorkeur voor de PH waarde van de bodem. Het soort bodem, zand, klei of veen is een factor. Tevens zijn er planten die graag met hun wortels in het water staan, tot planten die haast geen vocht nodig hebben. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de cactussen in de woestijn.

Hoe weet ik welke grondsoort ik in mijn tuin heb?

Er zijn twee redelijk simpele manieren op internet te vinden om te kunnen beoordelen welke grondsoort jij in je tuin hebt. Verzamel op 3 tot 5 verschillende plekken in je tuin een handvol aarde. Pak hiervoor niet meteen de bovenste laag, maar wat aarde op ongeveer 20 centimeter diepte. Probeer zoveel mogelijk ander materiaal als wortels, plantresten en steentjes er uit te filteren. Neem nu een glas of een doorzichtige pot en vul deze met de aarde voor ongeveer een kwart. Giet hierbij tot ongeveer driekwart leidingwater bij. Laat dit mengsel ongeveer een uur met rust en kijk vervolgens goed.

Bekijk hoe het mengsel eruit ziet. Zit er onderin de pot een klein laagje met grovere deeltjes en daarboven een flink deel met kleine slibdeeltjes, dan is er sprake van kleigrond. Zandgrond heeft onderin veel grovere deeltjes. Veengrond bestaat voornamelijk uit organisch materiaal, in de pot zal dit eruit zien als een bijna zwarte massa.

ph waarde grond

Wat is PH waarde?

Zowel de grondsoort als de PH waarde is van grote invloed op hoe je plant zich zal voelen in je tuin. Over de grondsoorten heb je hierboven kunnen lezen, maar wat heeft de PH waarde hier mee te maken en hoe meet ik de PH waarde van de aarde in mijn tuin. De Ph waarde is zowel van belang voor je moestuin en siertuin, maar ook voor de vijver. Ph waarde is de maat voor de zuurgraad van de grond of het water. Ik zal me beperken tot hoe je de waarde van je grond meet. Die voor het water heeft soortgelijke testmethodes. De PH waarde van de grond heeft een waarde van 0 tot 14, waarbij 7 neutraal is. Grond met een PH waarde van lager dan 7 is een zure grond. Grond met een PH waarde hoger dan 7 noem je een basisch of alkalisch milieu. Er bestaan kant en klare testsets, die je kunt kopen bij het tuincentrum of de uitgebreidere doe-het-zelfzaak. Hierbij neem je wat grond op verschillende plekken in je tuin op ca 20 cm. Deze grond kun je het beste even drogen en dan doe je 1 centimeter van de grond in een buisje. Hierbij giet je 2 centimeter gedistilleerd water. Dan doe je er een tabletje bij. Het water op de grond slaat uit in de kleur geel, groen, lichtblauw of donkerblauw. Je kunt de kleuren vergelijken met de kleuren op de verpakking of in de bijsluiter. Hieruit kan je opmaken met welke zuurgraad je te maken hebt. Als je van een lagere naar een hogere PH waarde in je tuin wilt, kun je kalk toevoegen aan de grond. Door het toedienen van organisch materiaal, bijvoorbeeld compost, kun je een PH waarde verlagen. Een extra bijkomen voordeel hiervan is dat de drainage en ventilatie van je grond verbetert.

PH waarde meten

Een goedkope manier om de PH waarde van je tuin te meten vond ik op het internet, door gebruik te maken van rode kool. Neem een krop rode kool en snijd deze met een keukenmachine of een mes heel fijn. Kook wat gedistilleerd water. Doe de fijngesneden rode kool erbij en laat het ongeveer 10 minuten koken. Giet het daarna af. De sap die je afgiet heeft een neutrale PH van ongeveer 7. Om zeker te zijn van je zaak, test je eerst het rode kool sap. Dit doe je door het sap in 2 kopjes te gieten, doe bij het ene kopje azijn en bij het andere wat zuiveringszout. Azijn is zuur en zou felroze moeten worden. De oplossing met zuiveringszout is basisch en zou blauw of groen moeten worden. Wanneer je dit getest hebt, ga je de aarde testen. Doe de aarde in een glas en giet er wat koolsap op. Wacht daarna 30 minuten. Wordt de kleur van de oplossing roze, betekent het dat de grond zuur is, een PH lager dan 7. Hoe rozer de oplossing, hoe zuurder de grond. Blijft de oplossing paars of violet, dan heb je te maken met een PH waarde van tussen de 1 en 7. Bij een blauwe of groene kleur, is er sprake van een PH hoger dan 7, hoe feller groen, des te hoger de PH waarde.

De Hortensia is geschikt voor tuinen met kleigrond

Welke planten gedijen goed op welke grondsoort?

Heb je uitgevogeld welke grondsoort je hebt, dan ga je op zoek naar geschikte planten. Hierbij moet je nog wel rekening houden met andere omstandigheden, zoals een border in zon, half schaduw of schaduw en het vochtgehalte in de border.

Planten voor op Kleigrond

Sering (Syringa vulgaris), Hortensia (Hydrangea ‘Grandiflora’), Geitenbaard (Aruncus Dioicus), Zonnekruid (Helenium ‘Moerheim Beauty’), Zilverkaars (Cimicifuga simplex) en Zeeuws Knoopje (Astrantia Major).

Planten voor op Zandgrond

Brem (Cytisus Scoparius), Ooievaarsbek (Geranium Himalayense), Ezelsoor (Stachys Byzantina), Oesterplant (Acanthus Mollis), Rode Valeriaan (Centranthus Rubber) en Erwtenstruik (Caragana Arborescent).

Planten voor op Veengrond

Salomonszegel (Polygonatum Multiflorum), Salie (Salvia Nemorosa), Rhododendron (Rhododendron), Koningsvaren (Osmunda Regalis), Schijnhazelaar (Corylopsis Sinensis), Christoffelkruid (Actea Rubra), Rotsheide (Pieris) en Japanse Esdoorn (Acer Palmatum).

Dit is uiteraard een beknopte opsomming, als je het internet afzoekt, kom je nog vele andere soorten tegen die geschikt zijn voor een bepaalde grondsoort. Sommige planten zijn erg kieskeurig en anderen weer helemaal niet.