Nederland is een libellenland. Door de grote hoeveelheid water, vennen, rivieren en beken komen er veel libellen in ons land voor. Een libelle heeft water nodig om zich voort te kunnen planten.  Er zijn ongeveer 65 verschillende soorten te vinden in Nederland.

Een libelle kan niet steken of bijten. Ze hebben wel kaken waarmee ze hun voedsel, insecten, fijnkauwen. Maar bij de meeste libellen zijn deze kaken te zwak om door de menselijke huid heen te kunnen bijten. Alleen wanneer je ze vangt en je vinger tegen de kaak aanhoudt zullen ze een happende beweging maken als reflex. Bij de grote soorten libellen zou dit dan een sneetje in je huid tot gevolg kunnen hebben. Het is dus een fabel dat Libellen zullen bijten of steken.

Libelle insect

Libellen (ordonata) worden in 2 groepen onderverdeeld, juffers (Zygoptera) en ‘echte’ libellen (anisoptera). De Libelle vouwt in rust de vleugels op boven of langs het achterlijf. De juffers houden hun vleugels in rust losjes naar achteren.  Libellen hebben grotere ogen dan waterjuffers, die elkaar raken in het midden van de kop. Over het algemeen zijn libellen forser dan waterjuffers. De grotere Libellen kunnen ook een stuk sneller vliegen dan de waterjuffers. Ze kunnen snelheden bereiken tot wel 60 Km per uur. Daarmee zijn ze de snelst vliegende insecten. Veel sneller dan wespen of bijen.

Levenscyclus Libelle

Libellen zetten hun eitjes af in of vlakbij het water, dit kunnen er honderden tot duizenden tegelijk zijn. Als het eitje uitkomt verschijnt er een prolarve. Deze verplaatst zich naar het water, waar ze hun voedsel vinden.

Larven van de Libelle

Vervolgens vervellen de larven 9 tot 17 keer, afhankelijk van de soort. De larven van de Libellen vervellen van larve naar imago. De imago is de benaming voor de volwassen Libelle. Het proces van larve naar volwassen larve kan tussen de 5 maanden en 5 jaar liggen, dit verschilt per soort. Het moment dat de larve een libelle wordt noemt men uitsluipen. De larve kruipt naar een plek buiten het water en de Libelle komt uit de larve. Hierna duurt het enkele uren voordat ze goed opgedroogd en gevormd is. De Libellen zorgen voor de voorplanting en leggen nieuwe eitjes. Over het algemeen is de levensduur van de imago één of enkele weken tot een paar maanden.

Wat eet een libelle?

In het stadium dat de Libelle nog een larve is voedden ze zich met kleine waterbeestjes, zoals watervlooien en hele kleine visjes. De larven zelf zijn een smakelijk hapje voor vissen, amfibieën, waterkevers waterwantsen, watervogels enzovoort.

De Libelle voedt zich met allerlei vliegende insecten, zoals muggen, vliegjes, motjes en soms met andere libellen.

Soorten Libellen

In Nederland kun je zo’n 65 soorten inheemse libellen vinden. Een aantal hiervan staan op de rode lijst. Dit betekent dat ze met uitsterven bedreigd worden.

Blauwe libelle

Een soort blauwe Libelle is de Azuurwaterjuffer. Je kunt ze tegenkomen in de periode juni, juli en augustus langs stilstaand of licht stromend ondiep water.

Rode Libelle

Rode Libelle

Er zijn meerdere soorten rode libellen, de bloedrode heidelibelle, bruinrode heidelibelle en steenrode heidelibelle bijvoorbeeld. Deze soorten zijn ongeveer 4 centimeter groot. Ze hebben zwarte poten en een rood lijf, in de vleugel zit een gele vlek die bij de ene soort wat kleiner is dan bij de andere. De vrouwtjes zijn geel-bruinig van kleur. Als ze ouder zijn krijgen ze een lichte grijze gloed.

Grote Keizerlibelle

De gewone bronlibelle is de grootste soort, maar zeer zeldzaam in Nederland en België. De lengte van dit dier ligt tussen de 64 en 84 millimeter. De grote keizerlibelle is daarna de grootste, die je vaker ziet in Nederland.  Het borststuk van de Keizerlibelle is groen, het achterlijf van het mannetje is blauw met een zwarte streep en van het vrouwtje groen. De vleugels zijn doorzichtig met een lichtbruine gloed.

Groene Libelle

De grote Keizerlibelle is groen van kleur. De Gaffellibelle is ook een groene libelle van een wat kleiner formaat, ongeveer 5 tot 5,5 centimeter. Het achterlijf van de Gaffellibelle is geel in tegenstelling tot het de blauw of groene lijf van de grote Keizerlibelle. Een andere groene soort is de groene glazenmaker, 65 tot 75 millimeter lang, groen borststuk en een vlekkerig achterlijf. De vleugels zijn doorzichtig met hele dunne zwarte naadstrepen.

Platbuik Libelle

Platbuik Libelle

Een platbuik Libelle dankt zijn naam aan de vorm van zijn lijf. Het is een forse libel met een duidelijk afgeplat achterlijf. Dit platte deel is bij de mannetjes blauw van kleur en bij de vrouwtjes geel. De lengte van deze libelle is 39 tot 48 mm, waarbij de vrouwtjes wat kleiner zijn dan de mannen.

Zwarte Libelle

De zwarte heidelibelle is de kleinste echte libel. De afmeting is tussen de 29 en 34 millimeter. Ze hebben een zwarte band aan beiden zijden van het borststuk. De poten zijn zwart en hoe ouder de libelle is, hoe zwarter hij van kleur wordt. De jongere dieren hebben voornamelijk op de bovenzijde van het achterlijf nog een gele kleur. In het borststuk blijft de geelbruine tekening zichtbaar.

Bruine Libelle

De bruine glazenmaker is een libelle soort die bruin van kleur is en veel in Nederland voorkomt. In de periode eind juni, juli, augustus, begin september vliegt hij rond. Het is een forse bruine libelle die met zijn oranjebruine vleugels nog beter opvalt en groter lijkt. De afmeting is tussen de 70 en 77 mm. Ook de vroege glazenmaker is een bruine libel, deze heeft een oranjebruin achterlijf en minder opvallende tint vleugels.